Leo Lucassen - Collectie ambassadeur van het archief van J.M. Lucassen: sigarenfabrikant en tabakshandelaar in Helden en Maasbree

Leo Lucassen, is de directeur van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) in Amsterdam. Hij is geboren in het Limburgse Meijel in een gezin van negen kinderen. Zijn opa was Jan Mathis Lucassen, sigarenfabrikant en tabakshandelaar in Maasbree. 

J. M. Lucassen

Het archief van J. M. Lucassen, sigarenfabrikant en tabakshandelaar te Helden (1914-1920) en Maasbree (1920-1945)

Jan Mathis Lucassen werd geboren in 1876 te Helden en stierf in 1945 te Maasbree. Hij trouwde in 1917 met Dorothea Maria Houben (1877-1940). Vóór zijn huwelijk was hij werkzaam als sigarenmaker bij sigarenfabriek Janssen te Helden. In Helden zette hij daarnaast een handel op in tabak en tabakswaren. In 1920 vestigde Lucassen zich in Maasbree. Hier begon hij met het zelf maken van sigaren. Tevens handelden hij en zijn vrouw in ‘tabak, sigaren en sigaretten, galanterieën, suikerwerken enz.’. W. Soberjé-Bekkers uit Horst, fabrikant van ‘drops, pepermunt, dragees, suikerwerk, koek en banket’ was een belangrijke leverancier. Het sigarenfabriekje van Lucassen werd in 1943 op last van de bezetter stopgezet.

Het archief bestaat, naast persoonlijke bescheiden als de bidprentjes van het echtpaar Lucassen-Houben en aantekeningen van een avondcursus rekenen en boekhouden uit 1897, uit de administratieve en financiële boekhouding. Verder is er een arbeidsregister (volgens de Arbeidswet 1919), een verzamelloonstaat (1941), een register van gefabriceerde sigaren en een cahier met aantekeningen over de productie van sigaren door werknemers (met daarnaast godsdienstige notities). Tot slot zijn er stukken rakende de bemoeienis van de bezetter met de productie van sigaren en de opheffing van het bedrijf.

Klik hier voor de archieven.nl pagina van dit archief.

Tracé ging in gesprek met Leo Lucassen over zijn link met het archief van J. M. Lucassen, sigarenfabrikant en tabakshandelaar te Helden (1914-1920) en Maasbree (1920-1945), en het belang van kleinere archieven zoals deze.

"Kijk, de meeste archieven die worden bewaard zijn van de overheid om te beginnen. En als het gaat om de economische kant, om bedrijfsarchieven, dan gaat het vaak om hele grote archieven.  ... Maar kleine archiefjes van winkels, van kleine bedrijfjes, ja dat is heel zeldzaam want mensen hebben daar vaak niet direct gevoel voor of niet het geld voor. En er is ook vaak helemaal geen interesse in door institutionele bewaar instellingen."

rekeningen 1917-1918
Rekeningen uit 1917 en 1918

"En soms zie je natuurlijk ook dat bedrijven failliet gaan, worden mensen weer wel loonarbeider of ze zijn eerst loonarbeider en ze gaan daarna iets doen. Maar goed, om die dynamiek beter te begrijpen, het verleden en ook wel waar je vandaan komt beter te begrijpen, denk ik dat dit soort archieven ongelofelijk belangrijk zijn."

Persoonlijke brief aan Mathis en Dorothea
Persoonlijke brief aan Mathis en Dorothea

"Alle individuele kenmerken spelen natuurlijk ook een rol, dat is evident, maar dat is niet alles. Dus ik zou wel geïnteresseerd zijn in die bredere 'Umwelt', ook van het huishouden: de rol van mijn oma, rol van de kinderen, misschien nog wel andere mensen daar om heen. En er is het iets bredere sociaal economische verhaal van toenemende welvaart ... om vanuit iets heel kleins naar die grotere bewegingen en grotere ontwikkelingen in de geschiedenis te kunnen kijken."

Arbeidsregister