Promotieonderzoek Afra de Mars
De landschapsgeschiedenis van de Domaniale Mijn (Kerkrade)
De Domaniale Mijn
De Domaniale Mijn (DM) was de oudste van de Limburgse steenkolenmijnen – en een van, zo niet, de oudste van West-Europa. Hoewel de mijn pas vanaf begin 19e eeuw de naam ‘Domaniale Mijn’ droeg, gaat de geschiedenis van de mijn terug tot voor de Franse Tijd. De DM kan namelijk gezien worden als de opvolger van de abdijmijnen, die door de Abdij Kloosterrade (Rolduc) in het dal van de Worm werden geëxploiteerd in de achttiende eeuw. De Domaniale Mijn was gevestigd in Kerkrade en had zijn hoofdzetel aan de Nieuwstraat op de grens met Duitsland. De concessie van de mijn liep onder die grens door, tot aan de rivier de Worm in Duitsland. De laatste steenkool op de Domaniale werd gewonnen in 1969. Zoals in de hele Nederlandse Mijnstreek werden de meeste bedrijfsgebouwen afgebroken. Van de DM staan nog Schacht Nulland, de overblijfselen van de steenberg Beerenbosch en enkele mijnwerkerswoningen overeind.
Het landschap van een mijn
In haar promotieonderzoek doet Afra de Mars onderzoek naar de invloed die de Domaniale Mijn op het omliggende landschap heeft gehad. Het onderzoek bestrijkt de periode 1700 tot heden en richt zich op drie sub-thema’s: landgebruik, infrastructuur en milieu. Aan de hand van casestudies wil zij inzicht krijgen in de ontwikkeling van het mijnlandschap en de gevolgen die deze ontwikkelingen hadden (en hebben) voor de lokale bevolking. Daarnaast wordt ook de vraag gesteld wat een mijnlandschap nou eigenlijk is, hoe ver strekt het zich uit en hoe uitten de gevolgen van mijnbouw zich in dat gebied, en hoe zo’n landschap het best bestudeerd kan worden.
Afbeelding Schacht Nulland: Schacht Nulland, 1980. L.M. Tangel, Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Amersfoort, Fotocollectie, D-04537, https://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/rce-mediabank/detail/1b2ed90d-4f31-8f16-9b46-b2b471c02c08/media/acfd77b7-aa95-ae65-e8f3-ef8243884c46?mode=detail&view=horizontal&q=Nulland&rows=1&page=15